Voorbeelden van het gebruik van Huwen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
In 1915 huwen ze, zonder hierbij de toestemming gekregen te hebben van haar vader.
En Wij zullen hen huwen met schone maagden.
Huwen, kinderen krijgen.
Jou huwen zou mij doden.
Rich huwen staat op nummer 1.
Natuurlijk gaat huwen om meer dan geluk.
Je wilde mij helemaal niet huwen, nog voor geen seconde.
Wij zullen hen maagden met groote, zwarte oogen doen huwen.
Meneer de graaf, weet u wat voor vrouw u wilt huwen?
I-Ik dacht dat Wil ons ging huwen.
We zullen op de eerste warme, zonnige dag van de lente huwen.
Zolang jullie ons maar niet huwen.
Hij kan ons huwen.
Het huwelijk. Wil je mijn zus huwen, of niet?
Richmond haar wil huwen.
Die kan ons huwen.
Kunt u ons op internationale wateren huwen?
Ja. Huwen?
Wanneer komt de hertog mijn dochter huwen?
Briljant! Niemand zou de graaf van Doncaster huwen. Natuurlijk.