Voorbeelden van het gebruik van Rein in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hopelijk hebben Bladt en Rein de laatste twee.
je bent rein.
Oeps. Ik denk dat je toch rein was.
Ik dacht dat je rein was.
Rein gaat werken op de Noordzee.
Immers is God Israel goed, dengenen, die rein van harte zijn.
Zo dicht bij een nieuw en rein rijk.
Zo dicht bij een nieuw en rein rijk.
Ik ben niet rein van hart.
Ik ben niet langer in de ban van vleselijke lusten. Rein van geest.
Dat deze planeet rein kan maken,
Rein worden kan een hoop schade aanrichten. Goed punt.
Heiligen die rein waren.
Want gij hebt gezegd: Mijn leer is zuiver, en ik ben rein in uw ogen.
want zij zijn mannen die zich rein willen houden.
Christopher Rein.
Ze moet rein blijven.
Ik wil rein blijven.
Mama houdt zichzelf niet rein voor jou.
Heeft u in haar slaapkamer gekeken, hoe rein het was?