Voorbeelden van het gebruik van Schoten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Schoten op de noord-oostkust van Hart Island!
Ja, we schoten met dit wapen op dat schild… van dezelfde afstand.
Als je schoten hoort, kom je niet terug.
Vijf schoten, volledig geladen.
Ik wil schoten melden.
Ze zitten in onze villa in Schoten.
Waarom? Waarom schoten ze op ons?
Ze schoten met machinegeweren op de mensen.
En daarbij schoten ze zo hard
Zes schoten, Sheriff!
Schoten op de noord- oostkust van Hart Island!
Acht schoten. Hij bleef op mij af komen.
Geen schoten.
Twee schoten per target, als je de zoemer hoort.
Steendorp, Schoten) bestaan nog.
Zij schoten terug en doodden hem.
Waarom schoten ze op ons? Waarom?
We schoten allemaal naar dat ding.
Uw schoten hebben uw man niet gedood.
Drie schoten. Niet te herleiden.