Voorbeelden van het gebruik van Tragisch in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Maar ze hebben een tragisch en diepgaand effect op de slachtoffers.
Het is tragisch wat hem en zijn dochter is overkomen.
Het is nog niet tragisch.
Ik ben bang dat het tragisch eenzijdig zal zijn.
Een tragisch, romantisch liefdesverhaal.
Geen tragisch ongeluk, hoop ik.
Ik heb tragisch nieuws. Bill.
Het tragisch belachelijke? Het is camp.
Janusz. Dat is zo tragisch.
Zijn dood was tragisch.
Waarschijnlijk. Tragisch.
Tragisch figuur, zei ik al.
Tragisch ongeluk.
Tragisch, akelig nieuws over m'n collega, dr Mobootu.
Jongen sterft tragisch in brand.
is tragisch.
Soms is het leven tragisch.
Tragisch nieuws.
Tragisch verlies van onze collega.
Laat het als tragisch ongeluk rusten.