Voorbeelden van het gebruik van Verdoen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
We verdoen onze tijd.
Claire. We verdoen onze tijd.
Jullie verdoen je tijd.
Tijd verdoen? De halve dag is om!
Je moet je tijd niet verdoen aan die rotzooi.
Wil je tijd niet verdoen.
En de tijd van iedereen verdoen, ook van mij?
Ik kan mijn tijd niet verdoen.
Jullie verdoen jullie tijd.
Dames, jullie verdoen jullie tijd.
Ik wil gewoon mijn tijd niet verdoen.
Ze verdoen hun tijd.
Ambtenaren kunnen hun tijd verdoen, ik niet.
Hij is z'n tijd aan het verdoen daarbinnen.- Daarbinnen.
Ik wil m'n tijd niet verdoen.
Dus we verdoen onze tijd?
Ik had m'n tijd niet moeten verdoen met jou.
En in plaats van me te helpen, verdoen jullie mijn tijd.
Ik wil gewoon niet dat jullie je tijd verdoen.
Ik wil niet nog een dag verdoen zonder jou te kennen.