Voorbeelden van het gebruik van Viel in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De avond dat die kanonskogel viel, zat jij toen op 't dak?
Je viel van een ladder.
Waarom viel hij hem aan?
Misschien viel iets op haar bij de brand?
Ze viel op het spoor!
Nee, hij viel door een dakraam.
Hij viel haar thuis aan en hier.
Ze viel van de trap, op de harde tegelvloer.
Toen viel het stil.
Je viel naakt in bed met je stagiaire?
Wat als dat meisje niet viel omdat ze dronken was?
Rosalind viel me aan en ik verdedigde mezelf.
Viel ze flauw?
Toen viel ik in een gat.
Het rijtuig viel in de rivier en werd verwoest.
Er viel iets.
Hij viel de receiver aan na de aftrap.
Je naam viel bij m'n oude firma vaak.
M'n paard viel en wierp me af.
Er viel een danser van de trap.