Voorbeelden van het gebruik van Weer terug in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Gaat hij weer terug op de wachtlijst?
Ik ben weer terug. Albert!
Dus hij gaat weer terug naar de arts.
Mama komt toch weer terug.
Je mag je jas weer terug.
Draal, we zijn gauw weer terug.
En nu weer terug is.
Ze moet weer terug naar de OK.
Ik wil weer terug in het werkschema van deze week.
Ze zijn weer terug.
Dankzij haar is Li Nalas weer terug.
In 2019 keerde zij hier weer terug als presentatrice.
Je mag hem weer terug.
Het is 15 kilometer naar Laie Point en weer terug.
Ze zijn weer terug en de ballonvaarder heeft schijnbaar gevonden wat hij zocht.
Hij is weer terug bij zijn ex, een lingeriemodel of zo.
Dan moeten we ook weer terug door de twee nova's.
Waarom ben je weer terug?
Maar al snel was hij weer terug in België.
Weet je wanneer ze weer terug is?