ZEG HEN - vertaling in Duits

sag ihnen
vertel
zeggen
dat je
vertel je
laat
vindt u
bedoel je
denk je
erzähl ihnen
vertel
vertel je
zeg
sie sollen
ze moeten
zij zullen
dat ze
ze mogen
ze kunnen
laat ze
ik wil dat je
je hoeft
ze zijn bedoeld
je wordt verondersteld
sagen sie
vertel
zeggen
dat je
vertel je
laat
vindt u
bedoel je
denk je
sage ihnen
vertel
zeggen
dat je
vertel je
laat
vindt u
bedoel je
denk je
sagt ihnen
vertel
zeggen
dat je
vertel je
laat
vindt u
bedoel je
denk je
antworten sie
antwoord
beantwoord de vraag
reageer
antwoord je
zeg
geef
beantwoord je
meld u
neem je op

Voorbeelden van het gebruik van Zeg hen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Zeg hen dat ik je omkocht.
Sagt ihnen, dass ich Euch bestochen habe.
Zeg hen wat jij hebt gedaan!
Sag ihnen, was du getan hast!
Ik zeg hen dat jij onschuldig bent.
Ich sage ihnen, dass Sie unschuldig sind.
Zeg hen dat je me niet kent!
Sagen Sie denen, dass Sie mich nicht kennen!
Bel de politie en zeg hen wat er precies gebeurd is.
Sagt ihnen genau, was passiert ist.
Zeg hen dat ik niet je kleine jongen ben.
Bitte sag ihnen, dass ich nicht dein kleiner Junge bin.
Zeg hen maar dat het ons geld is!
Sagen Sie denen, dass das unser Geld ist!
Zeg hen dat je Kirill uitlevert.
Sage ihnen, du wirst ihnen Kirill ausliefern.
Zeg hen dat u voor hen zou sterven,
Sagt ihnen, dass Ihr für sie sterben werdet,
Zeg hen niets.
Sag ihnen nichts.
Ik ga terug en zeg hen waar je ben, komen ze hierheen en vermoorden je.
Dann gehe ich zurück, sage ihnen, wo du bist und sie erschießen dich.
Zeg hen maar dat Doug je stuurde.
Sagen Sie denen, Doug schickt Sie..
Maak je mannen klaar, zeg hen niets.
Macht eure Männer bereit, sagt ihnen nichts.
Zeg hen, dat je Amerikaan bent.
Sag ihnen, dass du Amerikaner bist.
Ik zeg hen dat je moeder belde
Ich sage ihnen, dass deine Mom angerufen hat
Zeg hen dat ik naar beneden kom.
Sagen Sie denen, dass ich runterkomme.
Zeg hen dat ik je broer ben, Michelle!
Sag ihnen, dass ich dein Bruder bin, Michelle!
Zeg hen hen allen. Zeg het hen.
Sagen Sie es ihnen. Sagen Sie es allen.
Ik bel de politie en zeg hen waar je woont en watje hier doet.
Ich werde die Polizei anrufen und sage ihnen, was du hier machst.
Zeg hen dat ik alles doe, alles.
Sag ihnen, dass ich alles tun werde, alles.
Uitslagen: 217, Tijd: 0.0485

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits