Voorbeelden van het gebruik van Zegje in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wij doen ons zegje aan tafel.
Ik heb mijn zegje gedaan.
Jij hebt je zegje gedaan.
Jullie zijn beiden klaar met je zegje.
We hebben ons zegje gedaan.
Nee, laat haar haar zegje doen.
Twee Amerikanen, zegje?
Je broeder, zegje?
Zodra ik m'n zegje heb gedaan.
Dossier. Ik heb m'n zegje gedaan.
Twee Amerikanen, zegje?
Ik zal mijn zegje doen.
Je hebt je zegje gedaan.
Ik heb m'n zegje gedaan.
Niet tot ik mijn zegje heb gedaan.
Nee. Ik ga niet weg voordat ik mijn zegje heb gedaan.
Ik weet tenminste dat ik mijn zegje heb gedaan.
eerst doe ik m'n zegje.
Waarom zegje bepaalde gedachten wel en andere niet?
Stel jezelf voor, zegje naam en zeg waar je de advertentie hebt gevonden.