Voorbeelden van het gebruik van De ober in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij wenkte de ober die met twee menukaarten verscheen.
Wacht, de ober bij Knockers!
De ober zei dat je daar alleen zat.
Als de ober hem heeft weggegooid, moet hij hier ergens zijn.
De ober. Hij gaat richting de trap.
Waar blijft de ober?
Vraag je de ober of hij onze hoed brengt?
Ik heb de ober al tien minuten niet gezien.
Als de ober komt, wil ik.
Volgens de ober vinden ze het leven een droom.
Waarom kan ik de ober niet spreken?
Het is de ober Robert.
De ober heeft m'n naam niet genoemd.
Misschien wil de ober me vertellen hoe het ging!
Dat hangt van de ober af, soms begrijp ik er niets van.
De ober glijdt zo de keuken binnen!
De ober vertelde over zijn vriendin in Nederland.
Daar was de ober niet blij mee.
De ober was altijd glimlachend.