Voorbeelden van het gebruik van Geef het in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Geef het hier maar, alsjeblieft.
Geef het aan Sebastian.
Geef het hoe dan ook, even door aan Dode. Nee?
Amelia. Geef het me!
Geef het aan haar en Caden gaat de gevangenis in.
Geef het terug.
Geef het uit aan je favoriete Item Shop-inhoud!
Geef het me. En hij?
Geef het aan haar.
Geef het op.
Geef het mij.
Paul, geef het hem!
Geef het aan je vrienden.
Ik geef het aan niemand anders.
Ik geef het op.
Geef het uit aan de kern van de universiteit:
Geef het me.
Geef het me daarna.
Geef het terug, dan word je de held van m'n film.
Hier, geef het rond. Bedankt.