Voorbeelden van het gebruik van Hij wou in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij wou weg. Zo?
Hij wou me vermoorden!
Hij wou dat jullie gewoon konden praten.
Hij wou Jenny.
En hij wou nooit 'n kind.
Cool. Hij wou me vermoorden. Bart!
Mijn excuses. Hij wou mij raken.
Hij wou me spreken.
Hij wou gerust zijn dat hij er niet alleen voor stond.
Hij wou kunstenaar worden.
Hij wou winnen.
Hij wou de auto niet wegdoen.
Cool. Hij wou me vermoorden. Bart!
Hij wou het je geven.
Maar hij wou wel trouwen.
Hij wou dat ik het andere medaillon vond.
Maar hij wou niemand kwaad doen, Sire.
Hij wou dit gebruiken.