Voorbeelden van het gebruik van Hij wou in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij wou er aan de telefoon niet over praten.
Hij wou je nieuwe paswoord.
Ik vroeg of hij wou bellen.
Hij wou me iets tonen, zei hij. .
Hij wou niet opendoen.- En?
Hij wou dat ze bij hen kwam wonen.
Hij wou ontsnappen.
Hij wou dat ik bleef.
Hij wou een vriendin.-Medische hulp?
Hij wou niet blijven.
Hij wou niet!
Hij wou dat hij me begreep.
Hij wou de Tri-Lambs vernietigen.
Nee, hij wou mijn hulp niet.
Hij wou klaarkomen, Aaron.
Hij wou mij niet ontmoeten.
Zei, hij wou nog niet dood aangetroffen worden in dat huis.
Hij wou ze aanhouden.
Hij wou hem verkopen.
