Voorbeelden van het gebruik van Jaar weg in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Was een jaar weg, kwam terug,
Omdat ik een jaar weg kan zijn.
Hij was zeven jaar weg en ineens was hij terug.
Drie jaar weg, geen medicijnen, eerste generatie,
Vermist meisje, vijf jaar weg, rapport per vergissing.
Vijfentwintig jaar weg.
Ik ben nog maar een jaar weg en je rotzooit al met iemand anders.
Twaalf jaar weg.
Nog geen heel jaar weg. De baas'?
Ik heb het gevoel dat Guy een jaar weg is.
Je was anderhalf jaar weg.
En dingen stapelen zich op, als je honderd jaar weg bent geweest.
Je bent ruim een jaar weg.
Die jongens waren een jaar weg.
Waarom gaat hij dan een jaar weg?
Ik moest een jaar weg.
Je was een jaar weg.
Molly was een jaar weg.
Ze kennen het idee niet van een president die volgend jaar weg kan zijn.
Mijn kleine broer kwam thuis, na een jaar weg te zijn geweest.