Voorbeelden van het gebruik van Nooit eens in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
We worden het nooit eens.
Ik was het nooit eens met hoe je familie jou behandelde.
Wordt je nooit eens moe van het gezeik?
Nooit eens in de ruimte gestapt.
Je bent het nooit eens met wat ik wil, mam.
Waarom sturen ze ons nooit eens naar een kinderboerderij?
Besef je wel dat je nooit eens hebt gezegd.
De Zweden zijn het nooit eens geworden met Mikael Blomkvist.
Vonken of elektriciteitsterugval, er wordt nooit eens iets gerepareerd.
We zijn het op dat punt nooit eens geworden.
Word je die Clark Kent routine nooit eens zat?
Danny, ze zijn het nooit eens over iets.
Worden Nederlanders hun eigen gezeur nooit eens moe?
Wat? Blijven. Waarom kun je nooit eens doen wat ik wil?
Emme, is dat ding nooit eens stil?
Emme, is dat ding nooit eens stil?
Jij denkt nooit eens aan mij.
Denk je nooit eens dat je hier niet geschikt voor bent?
Het was het nooit eens met je.
Weet je wie nooit eens overhaast doen?