Voorbeelden van het gebruik van Weer eens in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik heb geluk gehad, weer eens.
Dan moet ik weer eens een afspraak maken.
Dat moeten we gauw weer eens doen.
En je hebt weer eens gelijk.
Je hebt weer eens een Thanksgiving verpest!
Ik denk dat we elkaar weer eens moeten zien.
Ik huil omdat God me weer eens heeft ontmaskerd.
Het is spijtig dat ze weer eens een echtgenoot moet begraven.
Wishi. Wishiwashi.-Hopelijk zien we elkaar weer eens terug!
Ze verstoort mijn droom weer eens.
We moeten weer eens oorlog hebben!
De zwarte volgt de blanke weer eens.
En ik hoop jullie weer eens te ontmoeten.
We moeten weer eens oorlog hebben!
Miss Kessler houdt de les weer eens op.
Dus ik moet weer eens op missie.
Je hebt gefaald, weer eens.
Ze houden weer eens een feestje.
Je hebt gefaald, weer eens.
Ik heb weer eens een pakketje, deze keer van Mineralissima.