Voorbeelden van het gebruik van Paniek in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Er is nu nog geen reden voor paniek.
Niet voor paniekaanvallen, maar voor paniek oproepende bazen.
Paniek gaat niet helpen.
Paniek door angst?
Geen paniek.
Een kaartlezer. Geen paniek, je hebt er waarschijnlijk al eentje.
Walsender-geactiveerde paniek voorkomen tijdens shutdown-checkpoints.
Er is geen reden voor paniek.
Iedereen was in paniek.
Paniek helpt niet.
En ik paniek heb ik toen de ambulance opgebeld.
En paniek is niet het gevolg van goud;
Geen paniek, ik breide gewoon verder.
Ik herhaal, er is geen reden voor paniek.
Je kan niet in de paniek kamer geraken.
Paniek is geen halsmisdrijf.
De paniek als je longen zich met water vullen?
Geen paniek, ze zijn nog niet begonnen.
Ik voel ook angst en paniek door hem.
Nee, ik wil geen paniek.