Voorbeelden van het gebruik van Telden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
We telden ons geld.
Dus telden we tot tien, om het beter te kunnen zien.
Dus telden we tot tien, om het beter te kunnen zien.
De joden telden vanaf het begin van de schepping.
Gevangenen en telden bijna 5.
We telden er eigenlijk 21.
We telden meer dan 300 zonnige dagen per jaar.
Dus zwommen we in de vijver en telden de sterren.
Maurício vertelde ons dat we telden voor niets.
Dus wachtten we en telden de dagen af.
Traditie en erfenis telden niet meer.
Ray deed de schoten die telden.
Ik denk dat we net tot drie telden.
Ik denk dat we net tot drie telden.
En zij telden, en ziet, Jonathan
We telden van een afstandje hoeveel scheppen hij er dit keer in deed.
In 2018 alleen al telden Amsterdamse hotels 16, 9 miljoen overnachtingen.
Er telden maar twee politica's in de Franse naoorlogse geschiedenis.
We telden de sterren tot we in slaap vielen.
Onderlinge resultaten uit de voorronde telden niet mee voor de plaatsingsronde.