Voorbeelden van het gebruik van Bent goed in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dus jij bent goed in wiskunde,?
Jij bent goed.
Je bent goed in de eenvoudige, mechanische dingen.
Je bent goed in rommel opruimen.
Je bent goed gebouwd en rossig.
Je bent goed, maar niet goed genoeg.
Angus, jij bent goed met een dolk.
Je bent goed voor de Stad.
Je bent goed, maar niet goed genoeg.
Je bent goed met cijfers.
U bent goed, weet u dat?
Je bent goed met mensen.
Jij bent goed. Bijna zo goed als ik.
Je bent goed op de hoogte.
verlaat Instellingen en je bent goed om te gaan.
Jij bent goed, en ik zou je geloven, behalve dat.
Je bent goed in rekenen, he?
Doug, jij bent goed.
Je bent goed.
Maar jij bent goed in alle andere dingen.