LUKKEN - vertaling in Frans

marcher
lopen
werken
wandelen
lukken
gaan
wandeling
marcheren
stappen
rondlopen
réussir
succesvol
succes
lukken
om te slagen
overgaan
slagen
doorstaan
verwerkelijken
y arriver
lukken
er te komen
daar te komen
er te geraken
krijgen er
daar aankomen
klaarspelen
fonctionner
werken
functioneren
draaien
lopen
opereren
bedienen
fungeren
lukken
werking
pouvoir
kunnen
macht
kracht
bevoegdheid
konden
gezag
mogen
se faire
gebeuren
zich laten
worden gedaan
geschieden
maken
krijgen
verdienen
worden verricht
zal
zijn
pas
niet
geen
stap
nooit
toch
y parvenir
er te komen
lukken
er in te slagen
marchera
lopen
werken
wandelen
lukken
gaan
wandeling
marcheren
stappen
rondlopen
réussira
succesvol
succes
lukken
om te slagen
overgaan
slagen
doorstaan
verwerkelijken
marche
lopen
werken
wandelen
lukken
gaan
wandeling
marcheren
stappen
rondlopen

Voorbeelden van het gebruik van Lukken in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Met 'n man als hem zal dat wel lukken!
Avec un tel homme, vous ne vous ennuierez pas!
Maar het gaat je lukken.
Mais vous allez y arriver.
ben dus benieuwd of het gaat lukken.
alors demandez-vous si ça va marcher.
Ja. Het gaat niet lukken.
Je vais pas pouvoir venir te voir.
Dit plan moest lukken.
Ce plan devait fonctionner.
Jij bent geboren om rijk te worden en dat zal je lukken.
Vous êtes nés pour faire fortune, et vous allez certainement y parvenir.
Dat zal niet lukken.
Ce que vous faites ne marchera pas.
het allemaal wel gaat lukken.
quelqu'un qui vous donnera l'impression que vous allez y arriver.
En wat ik weet is dat dit gaat lukken.
Et ce que je sais, c'est que ça va marcher.
zou het moeten lukken.
ça devrait fonctionner.
Ik ben ervan overtuigd dat ons dat zal lukken en zal moeten lukken.
Je suis convaincu que nous pouvons y parvenir et que nous devrions y parvenir.
Met jouw relaties moet dat lukken.
Avec tes relations, tu dois pouvoir.
Maar het wil niet lukken.
Mais ça ne marche pas.
zal dat niet lukken.
ça ne marchera pas.
Ik bedoel dat het nog kan lukken. Wat?
Qu'on peut encore y arriver.
Het zal zo niet lukken.
ça ne va pas marcher.
Volgens mij zal dat niet lukken.
J'ai peur que ça ne marche pas.
Maar dan denk ik altijd: Het moet lukken.
Mais je me dis qu'un jour, ça marchera forcément.
Het gaat niet lukken.
Je ne vais pas y arriver.
De vraag is of het gaat lukken.
La question est: Est-ce que ça va marcher?
Uitslagen: 395, Tijd: 0.1103

Top woordenboek queries

Nederlands - Frans