Voorbeelden van het gebruik van Het vorige week in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
dat kan in een oogwenk gebeuren, net zoals het vorige week gebeurde.
hoe lauw, het begrotingsvoorstel openbaar om te prijzen het vorige week geschetste Witte Huis.….
De VS gelooft dat het vorige week misschien twee Iraanse drones heeft neergehaald, in plaats van alleen degene die is gemeld,
Het vorige week door de Europese Raad genomen besluit om een fonds aan te leggen van 50 miljard euro om de landen buiten de eurozone in deze moeilijke tijden bij te staan is heel positief: wat één van ons aangaat, gaat ons allen aan.
Ik denk hier een knop echt om moet. Of zoals de heer Ali Birand, een bekend journalist van CNN Turk, het vorige week zei:"Laat Turkije trots worden,
Ik wist het vorige week.
Ik kocht het vorige week.
Ze redde het vorige week.
Ik hoorde het vorige week.
Dat was het vorige week.
Je zei het vorige week.
Ik had het vorige week.
Ik zei het vorige week.
Ik heb het vorige week verkocht.
Bij mij was het vorige week.
Ik deed het vorige week.
En jij was het vorige week.
Zo noemde je het vorige week.