Voorbeelden van het gebruik van Je pijn in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik ben dr. Gates, heb je pijn?
Mam, heb je pijn?
Het deed je pijn toen hij vermoord werd.
Had je pijn?
Ik weet dat je pijn hebt, maar ik word hier wel opgewonden van.
Drill doet je geen pijn, Henry.
Ik wil niet dat je pijn hebt.
Niemand doet je pijn.
Zo te zien heb je pijn, Michael.
Ze vertelde me dat ze huilde om al je pijn, en ze dacht.
Ik kan niet meer kan aanzien dat je pijn hebt.
Ik ken je pijn, Sasha.
Doet je mond pijn als je Engels praat?
Doe je me pijn?
Ik kan je pijn wegnemen, als je het me toestaat.
Als je Sara pijn.
Dat ie je pijn wil doen.
Waarom doe je me pijn?
Heb je geen pijn?