GELERNT - vertaling in Nederlands

geleerd
lernen
beibringen
lehren
zeigen
erfahren
leder
unterrichten
iren
gestudeerd
studieren
lernen
studium
büffeln
aufs college
zur uni
absolvieren
opgestoken
heben
lernen
anzünden
rauchen
auftreten
hochbinden
rausstrecken
auftauchen
hochstecken
mich melden
leren
lernen
beibringen
lehren
zeigen
erfahren
leder
unterrichten
iren
leerde
lernen
beibringen
lehren
zeigen
erfahren
leder
unterrichten
iren
leerden
lernen
beibringen
lehren
zeigen
erfahren
leder
unterrichten
iren
studeren
studieren
lernen
studium
büffeln
aufs college
zur uni
absolvieren

Voorbeelden van het gebruik van Gelernt in het Duits en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Ja, ich habe viel gelernt.
Ja, ik heb er veel van opgestoken.
Heute habe ich gelernt, wie man Papier herstellt.
Vandaag heb ik alles over papier maken geleerd.
Du hast stärker gelernt und mit einem-mit einem Tutor gearbeitet.
Je bent harder aan het studeren en aan het werken met een priveleraar.
Und wir haben daraus gelernt, dass man dazu keinen Augapfel braucht.
We leerden dat je geen oogbal nodig hebt om dat te doen.
Und er hatte gelernt, zu lieben.
Hij leerde lief te hebben.
Du hast gelernt, ihn zu lieben.
Je hebt van hem leren houden.
Was? Ich habe gelernt.
Wat? Ik heb gestudeerd.
So habe ich etwas Französisch gelernt.
Toen heb ik wat Frans opgepikt.
Ich hoffe, du hast deine Lektion gelernt.
Ik hoop dat jeje les hebt geleerd.
Ich habe viel von dir gelernt, Jonas Quinn.
Ik heb veel van je opgestoken, Jonas Quinn.
Sie haben sich bei einem Essen für die Investoren von Lance's Biogas kennen gelernt.
Ze leerden elkaar kennen bij een diner voor de investeerders van Lance.
Sie hat nicht alleine gelernt. unterschiedliche Namen.
Ze was niet alleen aan het studeren. Reid, dezelfde studieboeken, verschillende namen.
Er hatte nie gut lesen oder schreiben gelernt Goode.
Goode Hij leerde nooit goed lezen of schrijven.
Ich habe gelernt, damit zu leben.
En ik heb ermee leren leven.
Du hast so hart gelernt.
Je hebt zo hard gestudeerd.
Sie könnte ein, zwei Tricks gelernt haben.
Ze kan een paar trucjes hebben opgepikt.
Aber er hat das im Barbershop gelernt.
Dat heeft hij bij de kapper geleerd.
Summer Roberts, du hast von deiner Mitbewohnerin was gelernt.
Summer Roberts, je hebt wat opgestoken van die kamergenoot van je.
Mein Bruder und ich haben schwimmen gelernt, noch bevor wir laufen konnten.
Mijn broer en ik leerden zwemmen voordat we konden lopen.
Zu Hause. Ich habe gelernt.
Studeren. Ik was thuis.
Uitslagen: 9915, Tijd: 0.0578

Top woordenboek queries

Duits - Nederlands