APPELLERA - vertaling in Nederlands

belt
appeler
téléphoner
contacter
joindre
sonner
prévenir
bulles
cloches
noemen
appeler
mentionner
citer
nommer
parler
comme
qualifier
nom
évoquer
disent
roept
appeler
crier
convoquer
hurler
demandons
invitons
évoquent
réclament
exhortons
créer
zal oproepen
bellen
appeler
téléphoner
contacter
joindre
sonner
prévenir
bulles
cloches
roepen
appeler
crier
convoquer
hurler
demandons
invitons
évoquent
réclament
exhortons
créer
bel
appeler
téléphoner
contacter
joindre
sonner
prévenir
bulles
cloches
noemt
appeler
mentionner
citer
nommer
parler
comme
qualifier
nom
évoquer
disent
wenken
fait signe
coups de coude
wizz
appellera
invitent

Voorbeelden van het gebruik van Appellera in het Frans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Vous n'êtes pas seuls. On appellera 2 fois par jour.
Eén van ons zal jullie twee keer per dag bellen.
À son arrivée, il arrêtera la pendule et appellera l'arbitre.
Bij zijn aankomst mag hij zijn klok stilzetten en de arbiter roepen.
C'est une fille on l'appellera linda comme maman.
Het is een meisje. We noemen haar Linda. Naar mama.
Bien. Très bien, alors mon assistante appellera votre assistante.
Oké, dan laat ik mijn assistent naar jouw assistent bellen.
On va rouler et on l'appellera.
We gaan rondrijden en we roepen hem.
Comment on t'appellera?
En hoe moeten we jou noemen?
Et on la laissera quelque part. On appellera vos proches.
Die laten we ergens achter en dan bellen we jouw mensen.
Asseyez-vous, on vous appellera.
Ga zitten. We roepen u om.
On ne les appellera pas des gouvernements totalitaires;
Ze zullen dat geen totalitaire regimes noemen;
On va tous rentrer par derrière et on appellera sur la ligne fixe.
We gaan samen naar de achterdeur, en we bellen dan via de vaste lijn.
Dans la laverie… qu'on appellera désormais la"geôle.
Het washok dan dat we vanaf nu de' cel' noemen.
Voilà ce qu'on va faire. Mon publicitaire vous appellera demain matin.
Ik zorg dat m'n advertentiemensen je bellen.
Son vrai nom sera Johnny, mais on l'appellera Junebug.
Zijn echte naam zal Johnny zijn, maar we noemen hem Junebug.
Si c'est un fils, on l'appellera David.
Als 't een zoon is noemen we hem David.
On t'appellera quand on sera prêt.
Ik roep je wanneer we klaar zijn.
On appellera les secours de la voiture.
We bellen wel een ziekenwagen.
Quelqu'un vous appellera.
Iemand zal je wel bellen.
Jeopardy m'appellera. C'est mon destin de triompher dans cette émission!
Jeopardy gaat me bellen en ik zal schitteren in dat programma!
Il appellera avant qu'il ne vienne,
Hij zal bellen als hij er is,
Et quand l'UNOS appellera, je courrai vers Medusa.
En als ze bellen ren ik naar Medusa.
Uitslagen: 386, Tijd: 0.0669

Top woordenboek queries

Frans - Nederlands