Voorbeelden van het gebruik van Afstandelijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
ook nogal afstandelijk.
Toen ik haar laatst in Fountains of Wayne tegenkwam… deed ze heel afstandelijk.
Want je lijkt een beetje afstandelijk.
Het is die houding: Ik ben beter dan jij. Afstandelijk?
Hun reunie was afstandelijk en koud.
Nu ik een rijke vader ben… doen jullie je best en ik blijf afstandelijk.
Ik deed koeltjes en afstandelijk.
Je bent erg afstandelijk, At-chan.
Doe niet zo afstandelijk.
Ik vind haar al een tijdje afstandelijk, kil, bizar.
Met een handdruk alleen kon het verschil tussen verschijnt afstandelijk of oprecht vriendelijk.
Tijdens het ontbijt zondag was hij een beetje afstandelijk.
Nadat mijn ouders waren gescheiden, was mijn vader erg afstandelijk.
Het is te afstandelijk.
Ik wist dat je afstandelijk was.
Beter dan kil en afstandelijk.
En ik, ik ben… Ik weet dat ik afstandelijk kan zijn.
De mensen hier zijn soms wat afstandelijk.
Je bent zo afstandelijk.
Daarom was ik zo afstandelijk.