Voorbeelden van het gebruik van Afstandelijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Koud, afstandelijk en afstotend.
Dit ras is snel, afstandelijk, altijd waakzaam en veerkrachtig.
Uw zoon is erg afstandelijk, hij lijkt ongeïnteresseerd in zijn lot.
Afstandelijk is niet m'n stijl.
Michelangelo was'afstandelijk, een eenling en had weinig vrienden.'.
Afstandelijk en natuurlijk beoordeel ik iedereen.
Zag je hoe boos Taylor is, hoe afstandelijk?
Doku blijft afstandelijk.
Ze was gewoon een beetje afstandelijk.
Wat bedoel je met afstandelijk?
Hij lijkt wat afstandelijk.
je klinkt zo afstandelijk.
Dr Brennan is kil, afstandelijk.
Het parkeerterrein is een beetje afstandelijk van de plaats.
De laatste tijd is ze afstandelijk, stiekem.
Ik begrijp waarom je afstandelijk was.
Je bent afstandelijk.
Ik… Ik ben afstandelijk?
Hij is te afstandelijk.
En m'n moeder is inderdaad nogal afstandelijk.