Voorbeelden van het gebruik van Begeerte in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Pijn, wellust, afgunst genot, begeerte.
Vol hartstocht, bloedvergieten, begeerte en dood.
Begeerte, plezier en veiligheid.
Begeerte, ja. Die kent iedereen wel.
Ik vrees dat de andere kardinalen uw begeerte naar hervorming niet delen.
U bent op jacht naar begeerte.
Zelfzucht en begeerte dienen ingetoomd
Begeerte wordt overgave.
Ons wordt geleerd dat begeerte bij mannen hoort.
Niet uit aanbidding, maar uit begeerte.
M'n begeerte is zo gretig.
Begeerte is de ultieme expressie van de vrije wil.
God heeft een begeerte naar Zichzelf in ieder persoon gestopt.
alleen maar begeerte?
Begeerte, plezier en veiligheid.
En elk begeerte heeft z'n prijs.
Ik heb die begeerte, ja.
Wek bij uw metgezellen de begeerte naar waarheid op;
Alles berust op de begeerte om te kopen en te bezitten.