Voorbeelden van het gebruik van Dat maak in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dat maak in morgen ochtend in orde.
Deze ruimte is veilig.- en dat maak jij op uit dat ene priemgetal?
Dat maak jij niet uit.
Dat maak ik waar.
Dat maak ik even af en dan.
Dat maak je duidelijk?
Dat maak ik mezelf niet wijs.
Juist, dat maak ik op uit het feit dat je hier nog levend staat.
Dat maak ik nu.
Dat maak ik een scene voor al die gewapende beveiligers.
Dat maak ik goed met mijn uiterlijk.
Dat maak ik goed. Sorry, schat.
Dat maak je het duidelijk.
Dat maak je ook niet makkelijk.
Dat maak niet uit, Waldemar.
Dat maak ik mezelf niet wijs.
Ik mis hier beneden dan wel wat, maar dat maak ik met dit hierboven goed.
Dat maak ik altijd met een bepaald voorbeeld duidelijk.
Dat maakt mijn werk simpeler.
Dat maakt ze overduidelijk.