Voorbeelden van het gebruik van Dat ook doen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
de Meester zal dat ook doen.
Zwarte meiden laten dat ook doen.
Als ik jou was, zou ik dat ook doen.
Andere teams zouden dat ook doen.
En ik wil dat jullie dat ook doen.
En ik hou van hem en ik wil dat jullie dat ook doen.
De andere helft zou dat ook doen… maar die zouden je eerst verkrachten.
En dat ook doen.
John zou dat ook doen.
Laten wij dat ook doen.
Wilde jij dat ook doen?
Jij zou dat ook doen.
Misschien moeten wij dat ook doen, ja?
Zouden je vrienden dat ook doen?
Ik ga dat ook doen.
zou ik dat ook doen.
Misschien moet ik dat ook doen.
zullen onze handelspartners dat ook doen.
kun jij dat ook doen?
moeten we dat ook doen.