Voorbeelden van het gebruik van Doodongerust in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik was doodongerust.
Zijn vrouw is doodongerust, en ze is zwanger.
Ik ben doodongerust om hem.
Doodongerust zijn om jou kwijt te raken.
We waren doodongerust. Niet na.
Dat maakt me doodongerust. Ben je bang dat ze eerbare bedoelingen heeft?
We waren doodongerust, man. Niet na.
Ik was doodongerust over Mallory.
Probeert u me doodongerust te maken?
Ik was doodongerust.
Ik was doodongerust.
Ik was doodongerust.
Ze maken de mensen om zich heen doodongerust.
Niets.- We zijn allemaal doodongerust.
Ik was doodongerust.
Zij was doodongerust.
Ik was doodongerust.
Je moeder was doodongerust.
Ik was doodongerust.
Zijn ouders zijn doodongerust.