GELOOFDE - vertaling in Duits

glaubte
geloven
denken
zijn van mening
vertrouwen
het geloof
menen
overtuiging
dachte
vinden
geloven
gedachten
vertraute
vertrouwen
geloven
zelfvertrouwen
rekenen
het vertrouwen
glauben
geloven
denken
zijn van mening
vertrouwen
het geloof
menen
overtuiging
glaubten
geloven
denken
zijn van mening
vertrouwen
het geloof
menen
overtuiging
geglaubt
geloven
denken
zijn van mening
vertrouwen
het geloof
menen
overtuiging
dachtest
vinden
geloven
gedachten

Voorbeelden van het gebruik van Geloofde in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
M'n vader geloofde me niet.
Mein Vater glaubte mir nicht.
Geloofde je echt dat wij de lokaliteit hadden voor de Cold War kids?
Dachtest du wirklich, dass wir vor den Cold Car Kids auftreten werden?
Maar je geloofde hem niet?
Aber Sie glaubten ihm nicht?
En dat was echt… Ik geloofde echt dat er iets van kon komen.
Ich habe wirklich geglaubt, dass etwas daraus hätte werden können.
Ja. Geloofde u hem op basis van deze video?
Glauben Sie ihm aufgrund des Videos? -Jawohl?
Onschuldig? Ze geloofde niet dat Anok zijn broer Meti vermoordde?
Schuldlos. Sie dachte nicht, dass Anok seinen Bruder Meti ermordet hat?
Pap geloofde in ons en hij weet niet eens dat jij de kracht hebt.
Dad vertraute uns, und er weiß nichts von der Macht.
Hij geloofde niet in God
Er glaubte nicht an Gott, den Himmel
Maar in eerste instantie geloofde je dat hij werd vermoord, toch?
Aber anfänglich dachtest du doch, er sei ermordet worden?
Jij geloofde niet dat ie bestond.
Von dem Sie glaubten, dass er nicht existiert.
Ik geloofde niet dat je gevoelens had voor haar.
Ich hätte nie geglaubt, dass du Gefühle für.
Maar je geloofde hem niet?
Sie glauben nicht daran?
Ik geloofde mijn ogen niet
Ich dachte, ich guck nicht richtig,
Hij geloofde erop dat God een plan had.
Er vertraute darauf, dass Gott einen Plan hatte.
Ze geloofde me en begreep me.
Sie glaubte mir und verstand mich.
Misschien geloofde je het toen niet zoals nu.
Vielleicht dachtest du noch nicht wie jetzt.
Dus jij geloofde het ook?
Sie glaubten es also auch?
Geloofde in jou.
An dich geglaubt.
En je geloofde hem?
Und Sie glauben es?
Oké. Ik geloofde je echt even op dat moment.
Ich dachte kurz, du meinst es ernst. Okay.
Uitslagen: 3319, Tijd: 0.0425

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits