Voorbeelden van het gebruik van Ik woon in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik woon met m'n man en kinderen in Philadelphia.
Ik woon daar nu al een jaar
Ik woon wel met iemand samen.
Ik woon in Carmine.
Ik woon hier bijna mijn hele leven.
Ik woon hier 17 jaar.
Ik woon bijna in de auto.
Ik woon in een loft!
Ik woon alleen in een vrijstaand huis.
Ik woon met mijn man en kinderen in Philadelphia.
Ik woon daar.
Ik woon naast Hugh Hefner.
Ik woon al lang genoeg tussen de uwen om het een
Ik woon met een meisje samen op 23rd Street,
Ik woon nog op de boerderij.
Ik woon in Bakersfield maar ik zing morgen in Reno.
Ik woon bij een meer.
Ik woon hiernaast.
Ik woon wel samen met iemand.
Ik woon nog thuis.