Voorbeelden van het gebruik van Tegenwerken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Voor hen die tegenwerken. en strengheid.
Wil je me tegenwerken of helpen?
We hadden haar niet mogen tegenwerken.
We gaan Paul niet tegenwerken.
Ik zal ze niet tegenwerken.
moet je haar niet tegenwerken.
zij God en Zijn gezant tegenwerken.
Ze kunnen de doelstellingen van Lissabon zelfs tegenwerken.
Bèta-adrenerge blokkers kunnen het effect van bèta-2-adrenerge agonisten verzwakken of tegenwerken.
ik zal je niet tegenwerken.
Ze was aan het tegenwerken.
Red, ik zou je nooit tegenwerken.
Hou op met denken en tegenwerken.
Jij weet wat er gebeurt met hen die liefde tegenwerken.
Ga je me echt bij elke stap tegenwerken?
Waarom zou het je tegenwerken?
Iemand die eerder zou bekennen dan hem tegenwerken.
Frankie tegenwerken of drinken.
Je wilt mij niet tegenwerken, rechercheur.
U wordt gearresteerd wegens het tegenwerken van justitie.