Voorbeelden van het gebruik van Twijfelen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dan zal niemand meer twijfelen.
Ja, kardinaal. zullen we niet twijfelen.
Jullie twijfelen niet aan jezelf.
Niet twijfelen, Jensen.
Ze twijfelen aan zijn leiderschap.
Ik mag niet twijfelen.
An8}Je had niet moeten twijfelen.
We twijfelen, we talmen en dan komen we in actie.
Je blijft twijfelen aan jezelf, Diana.
Chicco zou niet twijfelen als het ons overkomt.
Moet ik twijfelen bij elke stap die ik zet?
Je mag niet aan me twijfelen.
Laat niemand eraan twijfelen… dat ik m'n eigen schepen onzichtbaar kan maken.
Nooit meer aan me twijfelen, Ray Donovan.-Inderdaad.
Je blijft aan jezelf twijfelen… en je blijft aan mij twijfelen maar zie je dat.
Die kerel zal niet twijfelen om je neer te leggen.
Je bent gewoon armer dan iedereen… en sommige mensen twijfelen aan je afkomst.
Carlota, je mag niet aan jezelf twijfelen.
Maar als jullie twijfelen… Dan moeten we het nu zeggen.
Dat je blijft twijfelen aan mijn indrukwekkendheid.- Ik kan niet geloven.