Voorbeelden van het gebruik van Ander keer in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Regel dat maar een ander keer.
We moeten ons hergroeperen en proberen het een ander keer te laten werken.
We vechten een ander keer.
Veel plezier met tweeën, we doen het een ander keer.
Ik moet op een ander keer wachten.
Misschien een ander keer.
Misschien moeten we er een ander keer over praten.
Wellicht een ander keer.
Wellicht een ander keer.
Als het nu niet is, dan een ander keer.
Een ander keer, lieve Chloe. Hank en ik gaan naar de Troubadour.
Geachte heer, woensdag bespuugde u mij nog, u schopte mij zulks een dag, een ander keer noemde u mij hond.
Ander keer ontmoette hij haar en vroeg haar op haar familie thuis.
Een keer nadat je gedouched hebt en de ander keer voordat je gaat slapen.
Ik ben al laat, misschien kan je me een ander keer vertellen… hoe je dat weet.
Als je niet kunt kunnen we ook met hen gaan eten, een ander keer.
zo heb ik hem dan ook de een of ander keer uit de problemen moeten helpen.
Aurora gaat gewoon dood haar een ander keer, En je kunt Aurora niet goed doden,
Een ander keertje werkt niet voor ons.
De andere keer met kruiden, zoals munt of tijm.