Voorbeelden van het gebruik van Dat moet je in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dat moet je doen.
Dat moet je mij ook leren.
Dat moet je beseffen.
Dat moet je oefenen zoals dit.
Dat moet je weten. Het spijt me.
Dat moet je uitzoeken.
Dat moet je erin leggen.
Dat moet je zeggen, hè?
Dat moet je ze vertellen.
Dat moet je haar zeggen.
Dat moet je doen, Gabe.
Dat moet je in het voorjaar doen.
Dat moet je tekenen, zodat ik.
Dat moet je zien.
Dat moet je doen.
En dat moet je beschermen.
Dat moet je in mijn positie doen.
Dat moet je doen.
Dat moet je doen.
Dat moet je wel weten.
