Voorbeelden van het gebruik van Ding zeker in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Martin en Ilse wisten één ding zeker.
Hoe dan ook weten we een ding zeker;
We zijn van een ding zeker.
Als je eerlijk tegen je zelf bent, weet je één ding zeker.
Niet uw soort ding zeker?
Ik weet eén ding zeker.
Nick, er is één ding zeker.
Maar ik weet een ding zeker.
In het leven is maar een ding zeker, Blondini.
Ik weet nu één ding zeker.
En ik weet één ding zeker.
Wie eet bij Gartine weet één ding zeker;
onenigheid is er één ding zeker.
Ik ken Frank al heel lang en ik weet één ding zeker.
Maar… hoe dan ook… hierbuiten… is er één ding zeker.
Maar er is één ding zeker.
Er is maar één ding zeker.
We weten één ding zeker.
Nou, nu weten we één ding zeker.
Ik weet één ding zeker.