Voorbeelden van het gebruik van Dodelijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik was dodelijk gewond geraakt.
Een man die dodelijk zal zijn als hij ons weer verraadt.
Gegarandeerd dodelijk binnen drie minuten.
Hij is stil maar dodelijk.
Longontsteking voor peuters kan dodelijk zijn.
Alles is dodelijk.
Ik was dodelijk ziek… met een fase vier melanoom
Ik ben dodelijk gewond!
Dodelijk speelgoed. Nee.
Die dodelijk zal zijn als hij weer naar de vrijheid smacht.
Een gezin is dodelijk voor een artiest.
Deze supervorm van rabiës is niet dodelijk.
Maar zwak. Dodelijk zelfs.
Hierop stranden kan dodelijk zijn.
Snelheid is dodelijk, onthou dat.
Dodelijk speelgoed. Wat voor speelgoed?
Geen messen, geen dodelijk schot. Niet bijten.
En als ie dodelijk gewond was?
Een gezin is dodelijk voor een artiest?
In die dagen werd Hizkia dodelijk ziek.