Voorbeelden van het gebruik van Een farce in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dit referendum is een farce, dat weet toch iedereen.
Dat is een farce voor mesthoentjes.
Ik vind dit alles een farce, een fiasco.
Het maakt een farce van ons idee van gelijkheid.
Dit is een farce aan de wereld en regionale chaos.
Democratie is een farce en bestaat absoluut niet.
Dit referendum is een farce, dat weet toch iedereen.
Je maakt een farce van dit debat.
Wat een farce.
Dit is een farce, pap.
Het hele medische beroep is een farce.
normaliteit wordt een farce.
Dit nucleaire congres is dan ook een farce.
bleek een farce.
Maar de kroning werd een farce.
Lieve Anne, onze campagne is een farce.
Tot de dood ons scheidt, wat een farce.
Uw eer is maar een farce.
Het is allemaal een farce.
De presidentsverkiezingen van 5 oktober zijn een farce geweest.