Voorbeelden van het gebruik van Moest spreken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een van de nonnen zei dat ik u moest spreken. Ja.
Wat als de zakenman stom was en ik voor hem moest spreken?
Nu, wat was zo belangrijk dat je me gewoon moest spreken?
Er was iemand die ik moest spreken.
M'n advocaat zei dat ik niet met je moest spreken.
Je belde hem en zei dat je hem moest spreken.
Ze staat daar, en zij zei dat ik met u moest spreken.
Hij zei dat hij iemand moest spreken.
Ik besloot dat ik 'r moest spreken.
Hij zei dat ik met jou moest spreken.
Dat ik 'm moest spreken.
Ze zei dat ze je moest spreken, dat het belangrijk was.
Ze zei dat ze me in eigen persoon moest spreken.
Ik zei dat ik u dringend moest spreken.
Hij zei dat hij me moest spreken.
Ik heb je toch gezegd dat ik de president moest spreken.
Ik zei dat ik de koning moest spreken.
Ik zei dat ik de president moest spreken.
Was er iets speciaals waarover je 'm moest spreken?
Iemand moest spreken.
