Voorbeelden van het gebruik van Moet ophangen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
U moet ophangen, generaal.
Ik moet ophangen, Thelma.
Ik moet ophangen.-Mooi.
Lk moet ophangen, Mike.
Ik moet ophangen, Dominick.
Ja. Tony? Ik moet ophangen.
Ik moet ophangen, spreek je later.
Ik moet ophangen, zijn zenuwen begeven het haast.
Ik moet ophangen.
Ik moet ophangen. Goed.
Ik moet ophangen, papa.
Ik moet ophangen. Nee.
Ik moet ophangen, Mike.
Tijd om te doden. lk moet ophangen.
Stop, alsjeblieft. Het spijt me, maar ik moet ophangen.
Ik moet ophangen nu.
Ik moet ophangen, ik heb nog een gesprek.
Ik moet ophangen. Goed.
Ik moet ophangen. Nee.
Ik moet ophangen, ze komen vrij.