Voorbeelden van het gebruik van Riskeren in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
We riskeren bij elkaar dood te worden aangetroffen.
Maar ik kan het niet riskeren.
Ik kan niet alles riskeren voor een vreemde.
Je kunt de beursgang riskeren.
Zij riskeren hun leven en hun positie.
Je leven riskeren, en de wereld redden?
We riskeren ons leven… iedere dag. Dit wel.
Maar we riskeren niets. Heel goed.
Je kunt makkelijk iets riskeren als je alleen bent.
Ik wil dat niet weer riskeren.
Neen, we kunnen het niet riskeren.
ze kan niet riskeren.
Zij riskeren bij iedere misstap aan de andere kant van de tralies te belanden.
Het riskeren ons eigen land te besmetten.
We riskeren ons leven… iedere dag.
We riskeren dagelijks de dood.
Maar dat kan ik niet riskeren.
Ik wil niets riskeren.
Maar we kunnen het niet riskeren.
U kunt uw positie niet riskeren.