Voorbeelden van het gebruik van Thuiskomen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ze kunnen elk moment thuiskomen.
Ik zorg dat ze veilig thuiskomen.
M'n vijanden zullen op me staan te wachten als we thuiskomen.
Ik zorg dat we thuiskomen.
Ik kan thuiskomen wanneer je wilt.
We zullen thuiskomen.
Hulshof:‘Het denken in ketens voelde als thuiskomen.
De majoor zal pas rond zonsondergang thuiskomen.
Om mij tegen te houden als die rekels eindelijk thuiskomen.
Mijn leven draait om thuiskomen.
Hij heeft donderdagavond z'n zoon niet zien thuiskomen.
Ik wil dat ze thuiskomen.
Je kunt thuiskomen, of we kunnen.
Als jij zo moest thuiskomen.
Ik zou nu thuiskomen.
Dat oude liedje over thuiskomen.
Mijn echtgenoot kan elk moment thuiskomen.
Valt mee. We zouden het moeten doen als we thuiskomen.
We hebben veel uit te leggen als we thuiskomen.
Drie middenklasse pacifisten die thuiskomen van vakantie.