Voorbeelden van het gebruik van Amuseren in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
fouten kunnen soms amuseren….
Lk zei, amuseren jullie je?
Jullie amuseren je,?
We amuseren ons gewoon.
Je slechte grappen amuseren mij niet meer, Griffin.
We amuseren ons, we werken hard,
Ze amuseren zichzelf.
Wanneer we onszelf amuseren komt de chemische neurotransmitter dopamine vrij in onze hersenen.
Ontdek verhalen die amuseren, informeren en inspireren met podcasts.
Je gaat je amuseren vanavond, oké?
Omdat je je niet kunt amuseren?
Ik zou wat rondhangen en mij amuseren.
Ik voel die emotie Ik ga me amuseren.
Het is een feest. Laten we ons amuseren.
Dus ik dacht te gaan shoppen, ons wat amuseren.
We gaan ons zo amuseren.
We zullen ons amuseren.
Hiermee gaat hij zich de hele nacht amuseren.
Ik heb niet gezegd dat we ons zouden amuseren.
Dan ga ik me daar amuseren met Osiris.