Voorbeelden van het gebruik van Ben in in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik ben in de aula.
Ik ga nergens heen, ik ben in m'n cel als je me wilt spreken.
Ik ben in de kamer hiernaast mocht je iets nodig hebben.
Als je mij nodig hebt, ik ben in het gebouw.
Als je me zoekt, ik ben in de bergruimte.
Als je me nodig hebt, ik ben in mijn kantoor.
Raak alleen niets aan, ik ben in Allison's kantoor.
En ik ben in de juiste bui.
Alsof ik beland ben in The Twilight zone.
Het voelt alsof ik terug ben in mijn oude kamer.
Ik ben in 'n goede bui.
Ik ben in de stemming voor een echt klote verhaal.
Luister, ik ben in een slecht humeur.
Ik ben in de dokken.
Ik ben in veel gore salons geweest, maar dit.
Ik ben in de Stad geweest, vandaag.
Ik ben in het metrostation op de federale driehoek.
Lk ben in de buurt, ik bel de politie.
Ik ben in de stemming voor pijn.
Oké, ik ben in het lab.