DAT WETEN - vertaling in Frans

savoir ça
dat weten
ne sait
n'est
ne savons
sait ça
dat weten
savoir cela
dat weten
ne savent
savez ça
dat weten
est au courant
bewust zijn
op de hoogte zijn
dit weten
vertrouwd zijn
ne saurons

Voorbeelden van het gebruik van Dat weten in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Hoe kon hij dat weten?
Comment a-t-il pu savoir cela?
Maar het arrestatieteam zou dat weten.
Mais la brigade des mandats le sait ça.
Dat weten we nog niet,
On ne sait pas encore,
Hoe kun je dat weten?
Comment pouvez-vous savoir ça?
Dat weten we niet. Maar het roept nog altijd grote vraagtekens op.
Nous ne savons pas mais ça pose de sérieuses questions.
Dat weten ze helemaal niet, M. Aydin.
Ils ne savent pas tout ça, M. Aydin.
Dat weten jullie toch?
Vous savez ça, non?
Moya moet dat weten.
Moya doit savoir cela.
Hoe kan ze dat weten?
Comment elle sait ça?
En waarom wil jij dat weten?
Pourquoi tu veux savoir ça?
Dat weten we nog niet.
Nous ne savons pas bien où,
Dat weten ze nog niet.
Ils ne savent pas encore,
En dat weten jullie omdat.
Et vous, vous savez ça, parce que.
Hoe kun je dat weten?
Comment pouvez-vous savoir cela?
Voight heeft een oproep gedaan, dat weten we.
Voight a lancé le mot dans la rue… On sait ça.
Hoe kan jij dat weten?
Comment pourriez-vous savoir ça?
Dat weten we niet, maar dat gaan we uitzoeken.
Nous ne savons pas mais nous allons le découvrir.
Dat weten ze niet hij werd onderbroken?
Ils ne savent pas. C'était un appel anonyme?
Hoe kan jij dat weten?
Comment vous savez ça?
Alleen een sukkel zou dat weten.
Seul un vrai naze sait ça.
Uitslagen: 236, Tijd: 0.058

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Frans