Voorbeelden van het gebruik van Koers in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Blijf op koers.
Handhaaf koers.
de Uren der Vrees hun koers hebben gemaakt?
zelfde koers.
toch hield ze koers.
Ze veranderd doorlopend haar koers.
Weer op koers.
En ik kan je op koers houden.
We zitten weer op koers.
Herneem koers.
Torpedo's veranderen koers 1-7-0.
Uiteindelijk ontstond er verdeeldheid in de beweging over de te volgen koers.
De drie leden liggen geregeld overhoop met elkaar over de te volgen muzikale koers.
Daarmee verandert het varend schip van koers.
Minimaliseert nacht verlangens aan uw dieet regime op koers te houden.
Minimaliseert avond verlangens aan uw dieet op koers te houden.
liggen op koers.
Religieuze overtuigingen geruststellen gelovigen dat een ethische koers moet worden gevolgd.
Maar commerciële boodschappen zijn ontworpen om een?? duidelijke koers van de handeling.
De raket wijkt van de koers af.