Voorbeelden van het gebruik van Voorspellen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Wij'voorspellen onszelf in leven'.
In een glazen bol en de toekomst kon voorspellen--.
Het risico bestaat van Groepsdenken. Voorspellen is moeilijk.
Jij kunt dingen voorspellen.
De meeste moderne profeten voorspellen het einde van de wereld.
Om doeltreffend te kunnen voorspellen moeten we wetenschap gebruiken.
Het opvolgen en voorspellen van het ruimteweer.
Het voorspellen van een ongeval kan op een aantal manieren.
Griep-epidemieën konden voorspellen, het vervelende soort griep.
Als voorspellen onmogelijk wordt,
Internationale samenwerking voor voorspellen, monitoren en rapporteren.
Dit helpt bij het voorspellen van de prijs omkeringen van de markt niveaus.
Het wordt ook gebruikt voor het voorspellen van toekomstige niveaus van economische activiteit.
Uitsluitend veranderingen in de PSA serumconcentratie voorspellen niet altijd klinisch voordeel.
Niemand kan de toekomst voorspellen.
Ik onderzoek het beoordelen van het gedrag voor het voorspellen van toekomstig gedrag.
Ik kon niet voorspellen wanneer juist.
Hoe zou u zoiets nou kunnen voorspellen?
Ik geloof ook niet dat je dat moet willen voorspellen.
Wat moeten we dus weten om te kunnen voorspellen?