Voorbeelden van het gebruik van Weet hij in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Weet hij wat volgend jaar de graanprijzen op de wereldmarkt zullen zijn?
Dan weet hij dat u hier geweest bent.
Als we z'n nier nemen, weet hij dat jij 't was.
Weet hij dat je hem zo noemt?
Waarschijnlijk weet hij iets over de elektriciteit.
Weet hij waarom er wordt gestaakt?- Vast?
En volgens mij weet hij niet wie de moordenaar is.
Als we zijn nier pakken, weet hij dat jij het was.
Hoe weet hij hoe jij heet?
Weet hij dat ik hier alleen in de cel zit?
Ook al weet hij dat jij hem hebt verraden.
Weet hij eigenlijk jouw echte naam wel?
Hoe weet hij van Otomo?
Dan weet hij welke bank we gebruiken.
Hoe weet hij dat?
En weet hij hoe waardevol zijn vracht is?
Wat weet hij daar nou van?
Doe dat in z'n postvakje, dan weet hij morgen dat ik er ben.
Soms weet hij zoveel dat zijn brein het nog nauwelijks kan dragen.
Weet hij over mij?