Voorbeelden van het gebruik van Zijn wij in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Le Chien, dat zijn wij, Janny & Manuel Redondo.
Wie zijn wij, verklaart hij, om met God in discussie te gaan?
Schept gij dat, of zijn wij er de schepper van?
Dat zijn wij. Samenwerkend,
Zijn wij soms allemaal dieven?
Zijn wij allemaal nietsnutten?
Zijn wij de reclame voor je nieuwe publieke imago?
Ja, dat zijn wij toen we hem uploaden.
Zijn wij.
Al zijn wij oud, mensen zoals jij en ik zijn de toekomst.
We maken de wereld veiliger voor kalkoen en appeltaart, dat zijn wij.
Als iemand dat kan, zijn wij het.
--Waar zijn wij?
Hij zorgt voor ons, al zijn wij zondaars.
Deze vraag roept een andere vraag op: Wie zijn wij?
Ik weet het niet, wat zijn wij, in feite?
Winyerp Club van het drama…" Dat zijn wij!
Maar als we onze kinderen de schuld blijven geven, wat zijn wij dan?
Het zijn wij, onze eigen mensen die ginder de oorlog aan de gang houden.
En daarom zijn wij dronkelappen.
